Nederland loopt achter ten opzichte van andere EU-landen
Groeiambities en kennisagenda bio-landbouw

De Europese ambitie zoals verwoord in de Farm to Fork strategie vraagt om nationaal beleid en doelstellingen voor biologische landbouw. Het nieuwe kabinet zal er niet omheen kunnen. Intussen verzamelt het ministerie van LNV kennis en informatie om het stimuleringsbeleid vorm te geven. Minister Schouten liet al weten dat het stimuleren van afzet voor biologische producten onderdeel gaat worden van de nieuwe plannen.
Op verzoek van de commissie landbouw heeft het Louis Bolk Instituut (LBI) een SWOT-analyse opgesteld. Onderzoekers van LBI wijzen erop dat versterking van de kennis- en innovatiekracht bij boeren, beleid en marktpartijen dringend is gewenst. Ook waarschuwen ze om niet eenzijdig nadruk te leggen op subsidies ter vergroting van het biologisch areaal zonder ook de vraag te stimuleren. Een stabiel en koersvast overheidsbeleid is nodig, met ondersteuning gericht op meerjarige doelen om de bedreigingen van de sector te ondervangen en groei te stimuleren.
Ilse Geijzendorffer van het Louis Bolk Instituut is direct betrokken bij het opstellen van een nationale kennisagenda. “Een kennisagenda is slechts één van de elementen die nodig zijn om tot de gewenste groei van de sector te komen. De biologische sector heeft meerdere uitdagingen waaronder het bevorderen van de afzet, maar ook het bewaken van het merk bio richting de consument op het vlak van duurzaamheid. Afgelopen voorjaar hebben we samen met BioNext, WUR, CLM, Delphy en BioAcademy in de vorm van een manifest suggesties meegegeven aan het Ministerie van LNV. In dit manifest doen we aanbevelingen voor een kennisagenda en voor wat er nodig is voor verdere groei en ontwikkeling van de sector. Vanuit een ander hoek vroeg LNV ons deze zomer om een SWOT-analyse uit te voeren voor de biologische sector. Dit rapport is afgelopen herfst naar de Tweede Kamer gestuurd. Het liefst wil je dat de boeren ondernemersruimte krijgen voor een duurzame bedrijfsvoering en dat ze daarbij een goede prijs voor goede producten kunnen krijgen en betaling voor diensten die zij aan de maatschappij leveren. Ik ben niet zo’n fan van oproepen aan de overheid om geld, dan klinkt het zo als een goed doel. Het gaat hier om kennis en financiële impulsen die zijn gericht op specifieke doelen en deze kunnen breed worden ingezet, dus ook toegankelijk zijn voor gangbare boeren en tuinders. Je kunt ook denken aan steun in de vorm van vermindering van financiële risico’s. Landbouwers durven dan meer risico te nemen tijdens de teelt. Tegelijkertijd moet je ook de impact van ingezette maatregelen monitoren en eventueel bijstellen. Als de eco-regelingen in het nieuwe GLB geen groei in de biologische sector oplevert, moet er kennelijk nog iets anders gebeuren”.
Biologische landbouw en nationaal beleid
Het ministerie legt in zijn beleidsnotities nadruk op ‘kringlooplandbouw’ en ‘natuurinclusieve landbouw’. Dit leidt tot een stagnatie in de vraag naar biologische producten. Om de EU-doelstelling van 25 procent bio-landbouwareaal in 2030 te helpen realiseren zal Nederland haar ambities sterk moeten opschroeven. Een biologische kennis- en ontwikkelingsagenda zou richting geven aan beleid en praktijk. In het nieuwe regeerakkoord wordt biologische landbouw overigens niet genoemd. Dat is vreemd, want biologische landbouw draagt bij aan oplossingen voor het stikstofoverschot en levert gezonde voeding.
Workshop 25 procent bio in 2030
Di 12 januari 10.00 uur – 12 uur
Tekst: Leen Janmaat
Beeld: Leen Janmaat